You are here

Nieuws

12.02.2019

Resultaten van de vragenlijst over implantaten

Wilt u meer weten over de resultaten van onze vragenlijst in verband met implantaten?

Bekijk dan zeker even het filmpje hieronder.

 

30.08.2018

Vraag 5: Wie beslist of u kan deelnemen aan een klinische studie?

A. Het bedrijf dat het medicijn ontwikkelt
B. De organisatie die als tussenpersoon dient
C. De onderzoekarts
D. De kandidaat zelf

 

 

Antwoord 5: C & D 

Een tussenpersoon, zoals C-Lys, is enkel betrokken in de voorselectie van kandidaat-proefpersonen. Het is uiteindelijk de onderzoeksarts die oordeelt of u kan deelnemen aan een klinische studie en u beslist of u wenst deel te nemen.
 

30.08.2018

Vraag 4: Welke vergoeding krijgt u bij een deelname aan een klinische studie?

A. Iedereen krijgt altijd een volwaardige financiële vergoeding
B. Enkel patiënten krijgen meestal een volwaardige financiële vergoeding (fase II en fase III studies)
C. Enkel gezonde vrijwilligers krijgen meestal een volwaardige financiële vergoeding (fase I studies)
D. Het is wettelijk verboden dat deelnemers een volwaardige financiële vergoeding ontvangen

 

 

Antwoord 4: C

Gezonde vrijwilligers krijgen bij deelname (fase I studies) meestal een financiële vergoeding. Het is echter wettelijk niet toegestaan dat ook patiënten (fase II en fase III) een financiële vergoeding ontvangen. In sommige gevallen hebben zij wel recht op een onkostenvergoeding voor parking-en verplaatsingskosten.
 

 

30.08.2018

Vraag 3: Wat is een placebo?

A. Het bestaande geneesmiddel, waarmee men het nieuwe geneesmiddel wenst te vergelijken
B. Een middel dat toegediend wordt zonder dat dit een medisch effect uitoefent op het lichaam
C. Het nieuwe geneesmiddel waarvan men de werking wil vergelijken met een bestaand geneesmiddel voor diezelfde aandoening

 

 

Antwoord 3: B

Een placebo is een middel dat geen werkzame stoffen bevat. Een placebo wordt gebruikt wanneer de controlegroep in een klinische studie geen behandeling krijgt. Bij de meeste  klinische studies is het belangrijk dat noch de studiearts, noch de onderzoeker, noch de patiënt zelf weet of hij/zij een placebo krijgt of niet. 
 

30.08.2018

Vraag 2: Wat is de controlegroep?

A. De groep patiënten die niet behandeld wordt met het nieuwe geneesmiddel. Zij krijgen of een placebo of een bestaand geneesmiddel, zodat de werking van het nieuwe geneesmiddel hiermee vergeleken kan worden.
B. De groep patiënten die niet behandeld wordt met het nieuwe geneesmiddel. Zij krijgen uitsluitend een placebo, zodat het effect van het nieuwe geneesmiddel onderzocht kan worden.
C. Een groep patiënten die na afloop van de studie ook nog eens het nieuwe geneesmiddel toegediend krijgt, om de resultaten van de studie te controleren.
 

 

Antwoord 2: A

De controlegroep is de groep die de nieuwe behandeling niet krijgt (dit is niet noodzakelijk gelijk aan altijd een placebo krijgen). Dat zou het enige belangrijke verschil mogen zijn tussen de controlegroep en de studiegroep (die wel de nieuwe behandeling ondergaat). Zo kan het waargenomen effect in de studiegroep in theorie enkel te wijten zijn aan de werking van het nieuwe geneesmiddel en niet aan toevallige of spontane veranderingen.
 

 

30.08.2018

Vraag 1: Wie kan deelnemen aan klinische studies?

A. Enkel gezonde jonge mannelijke vrijwilligers
B. Enkel gezonde jonge mannelijke en vrouwelijke vrijwilligers
C. Alle gezonde vrijwilligers
D. Patiënten in een vroeg stadium
E. Alle patiënten

 

 

Antwoord 1: C en E

Zowel gezonde vrijwilligers (man of vrouw) als patiënten kunnen in aanmerking komen voor deelname aan een klinische studie. Gezonde vrijwilligers zijn belangrijk voor fase I studies, waarbij de veiligheid van het nieuwe medicijn onderzocht wordt. Bij verdere fasen in het klinisch onderzoek zijn er patiënten nodig om de doeltreffendheid en veiligheid na te gaan. 

 

26.04.2017

Vaccinatie, wat is het en hoe werkt het?

Iedereen heeft al vaccins gekregen. Maar wat is een vaccinatie en hoe werkt het?

Vaccinatie is de inspuiting van delen van ziektekiemen (virussen of bacteriën) of sterk verzwakte vormen ervan in het lichaam. Het lichaam reageert op de lichaamsvreemde stoffen door antistoffen aan te maken. Het immuunsysteem bouwt zo een geheugen op, vandaar ook de term immunisatie. Wanneer een gevaccineerde persoon ooit echt in aanraking komt met het virus of de bacterie, kan het lichaam heel snel en efficiënt reageren.

Voor sommige ziektekiemen is slechts één vaccinatiekuur nodig voor een levenslange bescherming. Een voorbeeld hiervan is de vaccinatie voor polio, ook kinderverlamming genoemd. Eén kuur van drie inentingen voor de leeftijd van 18 maand zorgt voor een levenslange bescherming. Voor andere ziektkiemen zijn 'booster' vaccinaties nodig. Het geheugen van het immuunsysteem vermindert over de jaren heen voor deze ziektemakers. Daarom is een herhaling van het vaccin nodig is. Een voorbeeld hiervan is de vaccinatie tegen tetanus. Een tetanus vaccinatie laat men best om de 10 jaar vernieuwen.

In veel landen, zoals België, zijn er vaccinatieprogramma’s voor kinderen. De vaccinaties beschermen het kind zelf, maar ook het gezin en de omgeving. Daarnaast zijn er ook vrijblijvende vaccinaties voor reizigers of voor bepaalde risicogroepen. Een voorbeeld is het jaarlijkse griepvaccin dat vrijblijvend is, maar wordt aangeraden aan onder andere senioren. Er zijn heel veel soorten griepvirussen. Epidemiologen voorspellen elk jaar welke soorten er de jaarlijkse griepepidemie zullen veroorzaken. Tegen drie soorten wordt dan een griepvaccin ontwikkeld. Het kan gebeuren dat een ander griepvirus dan voorspeld 'doorbreekt' en dan biedt de vaccinatie geen bescherming.

Vaccinatie heeft er al meermaals voor gezorgd dat gevaarlijke virussen, zoals polio, bijna niet meer voorkomen. Vaccineren heeft dus zeker al zijn nut bewezen, maar kan nog meer levens redden. Dit is waarom de World Health Organisation (WHO) elk jaar de 'World Immunization Week' organiseert. WHO wil mensen bewuster maken en de nood aan vaccinaties onderstrepen. Met de hashtag #VaccinesWork wil WHO de aandacht vestigen op het feit dat een wereld vrij van vaccineerbare ziekten mogelijk is.

Laura Macours, Student Biomedische Wetenschappen, KU Leuven

Pages